Spreektekst minister Harbers bij jaarcongres NVB

Omschrijving

“Voor het eerst sinds 2007 ligt er weer een Binnenvaartvisie. Met ambities en acties op de vier grote slagen die we zullen moeten maken: energietransitie, digitalisering, de ketenoptimalisatie en toekomstbestendige vaarwegen. Er liggen echt kansen om met onze unieke vaarwegen en netwerk van binnenhavens die duurzame en sterke toekomst te realiseren. In de Binnenvaartvisie staat zelfs: we hebben goud in handen! Dat getuigt van vertrouwen.” Dat zegt de minister op 6 oktober bij het Jaarcongres van de Nederlandse Vereniging van Binnenhavens.

Verantwoordelijke Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Thema Scheepvaart
Documentsoort Toespraak
Geldig van 06-10-2023
Document creatiedatum 06-10-2023
Onderwerp Scheepvaart en havens

Goedemiddag allemaal!

Veel dank voor de uitnodiging. Mijn hart gaat altijd wat sneller kloppen van binnenhavens en binnenvaart – ook omdat ik in een eerdere functie hier veel mee te maken had – zo’n 15 jaar geleden was ik havenwethouder in Rotterdam.

Het is heel boeiend dat thema’s die nu super-urgent zijn, zoals verduurzaming, energietransitie en digitalisering – zich toen ook al aandienden.
Maar eerlijk is eerlijk: ik had toen niet kunnen voorspellen dat er nu een groot waterstofcluster op de Maasvlakte 2 zou komen, dat het eerste schip op waterstof daadwerkelijk zou varen.

Of dat walstroom zo’n vlucht zou nemen of dat er schepen gingen varen met ZESpacks – oftewel mobiele batterijen - of dat er een compleet nieuwe energiehaven nodig zou zijn om de wind op zee-parken te kunnen bevoorraden.

Ik vind het prachtig om daar een rol in te spelen, samen met sterke brancheorganisaties als de NVB. Ons land telt ruim 230 binnenhavens. De één is wat groter dan de ander. Maar het zijn allemaal dynamische draaischijven die er samen met de binnenvaart zelf voor zorgen dat ons land in beweging blijft. Winkels worden bevoorraad, de bouwplaats krijgt zand en grint, en we worden voorzien van brandstof, niet alleen in Nederland maar ook in een groot deel van Europa.

De cijfers spreken nog altijd voor zichzelf: een derde van onze goederen wordt over water vervoerd.
Onze mainports kunnen we met zo’n 6000 kilometer aan vaarwegen verbinden met de grootste industriegebieden en bevolkingscentra in Europa! Met ons uitgebreide netwerk van vaarwegen kunnen we overal komen. En door slimmere terminals en slimme ICT en slimme mensen wordt het steeds beter verbonden met wegen en spoor.

Dat doet me denken aan een leuke historisch feit.
 
In de 19e eeuw gingen alle landen om ons heen druk aan de slag met het spoor. Dat was dé nieuwe ontwikkeling. Maar in Nederland gebeurde lange tijd niets. De noodzaak werd niet gezien. Waarom zouden we? Je kon overal komen via het water. Echt overal.

Ons stelsel van vaarwegen was zó sterk en uitgebreid dat het lange tijd de ontwikkeling van de spoorwegen heeft tegengehouden!
Je kunt dus met enige overdrijving zeggen dat in de 19 eeuw het water de modernisering van Nederland afremde. Nu is het precies andersom. Via het water kunnen we de modernisering van Nederland versnellen!

Hoe zie ik dat?

Kortgezegd: we hebben de binnenvaart keihard nodig om Nederland duurzamer, bereikbaar en concurrerend te houden.

Er ligt nog genoeg ruimte op de Nederlandse vaarwegen en de binnenvaart is nog steeds duurzamer dan het wegvervoer – op één groot binnenvaartschip past al snel de lading van zo’n 100 tot 120 vrachtwagens. Op de grootste schepen zelfs de lading van 600 vrachtwagens.
Al onze binnenhavens  vormen gezamenlijk één grote draaischijf om goederen zo schoon, zo efficiënt en slim mogelijk van A naar B te krijgen.

De uitgangspositie is goed en er liggen veel kansen. Dat betekent wel dat we aan de slag moeten om de binnenvaartsector toekomstbestendig te maken.

Ik ben dan ook heel blij dat we samen met de sector tot een nieuw toekomstperspectief zijn gekomen.
Voor het eerst sinds 2007 ligt er weer een Binnenvaartvisie. Met ambities en acties op de vier grote slagen die we zullen moeten maken: energietransitie, digitalisering, de ketenoptimalisatie en toekomstbestendige vaarwegen.
De totstandkoming was best bijzonder. Een groot deel is in coronatijd gemaakt. Vooral de eerste bijeenkomsten waren allemaal online. Mijn optimistische conclusie is dan ook dat het met de digitalisering van de binnenvaart wel goed komt! 😊
De ambities en plannen liggen er nu; het gaat natuurlijk om de praktijk.

We zijn nu volop bezig om een Binnenvaarttafel op te richten. Deze Binnenvaarttafel gaat alle plannen omzetten in acties en de voortgang daarvan in de gaten houden.

Ik ben blij dat verschillende partijen, zoals de NVB, maar ook de provincies, hebben toegezegd dat ze hieraan willen deelnemen. Ik verwacht dat we de startbijeenkomst van de tafel later dit jaar kunnen organiseren.

Intussen gebeurt er ook al veel. Bijvoorbeeld op het gebied van de energietransitie en verduurzaming. De binnenhavens hebben hier een faciliterende rol in door het aanbieden van nieuwe energiedragers zoals waterstof, batterij-elektrisch en walstroom.
Het kabinet stimuleert dit ook. Heel concreet met bijvoorbeeld het afsluiten van zogeheten regiodeals.
Zo zijn we nog bezig met een regiodeal Midden Brabant.

Hierbij gaat het onder andere om de realisatie van de eerste volledig emissieloze binnenhaven van Nederland te maken – de Smart Port Waalwijk.

De haven kan fors gaan groeien door de nabijheid van grote distributiecentra zoals Xenos, Van Haren en Bol.com. De noodzakelijke schaalvergroting willen we zo duurzaam mogelijk opvangen.

Het is de bedoeling dat elektriciteit lokaal wordt opgewekt, opgeslagen en gebruikt voor de havenactiviteiten. Hiervoor wordt een geheel nieuw prototype binnenhaven ontwikkeld met veel aandacht voor digitalisering en data-uitwisseling om transporten zo goed mogelijk op elkaar af te kunnen stemmen en de beladingsgraad te vergroten.

Een ander voorbeeld is de regiodeal Zuid-Limburg. Met deze deal geven we onder andere de binnenhavens een belangrijke rol om de circulaire economie te stimuleren.

Zo is RWE van plan op het terrein van Chemelot een grote waterstoffabriek te bouwen. De grondstof daarvoor bestaat uit het restafval uit de regio Zuid-Limburg en daarbuiten. De bedoeling is dat dit restafval via de vaarwegen bij Chemelot komt. Daarvoor wordt de oude ongebruikte binnenhaven Zevenelle nieuw leven ingeblazen. Ook de haven van Steijn wordt aangepast om deze grote volumes op een slimme manier te kunnen overslaan. Het gaat hierbij om enorme stromen restafval die nu nog worden verbrand.
Zo zijn er overal ontwikkelingen die consequenties hebben voor de binnenhavens en binnenvaart.

Zelf heb ik onlangs nog een werkbezoek aan de haven van Amsterdam gebracht. Wat me opviel waren de vele jonge opkomende bedrijven op het gebied van nieuwe brandstoffen en het inzamelen van allerlei restmaterialen zoals frituurvet. Ze deden dat met veel vertrouwen in de toekomst.

Dat vertrouwen en die ondernemersgeest is hard nodig om te anticiperen op alle veranderingen. Er liggen echt kansen om met onze unieke vaarwegen en netwerk van binnenhavens die duurzame en sterke toekomst te realiseren. In de Binnenvaartvisie staat zelfs: we hebben goud in handen! Dat getuigt van vertrouwen.  

Des te belangrijker dat de basis op orde is.
Hier ligt nog een grote opgave waarbij we extra aandacht moeten besteden aan de instandhouding van onze unieke infrastructuur, dus beheer, onderhoud, vervanging en renovatie.

Bij het coalitieakkoord is hiervoor extra geld vrijgemaakt en we hebben zelf geld verschoven van aanlegprojecten naar instandhouding. In plaats van 2 miljard is hier nu 3 miljard per jaar voor beschikbaar. Met deze middelen gaan we aan de slag met de grootste onderhoudsopgave ooit. Veiligheid voorop, en een hoger niveau van  voorspelbaarheid en beschikbaarheid: daar gaat het om, bij alle netwerken.
Het is duidelijk dat er veel gebeurt en dat er nog veel meer moet gebeuren om de binnenhavens en de binnenvaart klaar te maken voor de toekomst. Laten we dat niet afwachten.

Niet zoals in de 19e eeuw wegkijken van nieuwe ontwikkelingen. Maar open staan voor de kansen en vooral samenwerken om die kansen te verzilveren. Samenwerking biedt slagkracht; geen ondernemer kan dit alleen.
Sterke spelers zoals de NVB zijn daarbij hard nodig. Dat geldt ook voor mensen die zo’n organisatie willen leiden. Dat heeft Eric Janse de Jonge jarenlang met veel energie gedaan. Veel dank voor de samenwerking!

Ik ga er helemaal van uit dat we de lijn doortrekken met zijn opvolger Maarten van Gaans, en dat we gezamenlijk met u allen volle vaart zetten naar een sterke, duurzame toekomst van de binnenhavens en de binnenvaart. Dank u wel.

Publicaties